10 dingen die ik leerde tijdens mijn eerste soloreis

In het begin van deze maand trok ik voor twee weken met de rugzak een koffer vol kleren richting het regenachtige Engeland. De laatste zondag van augustus viel de beslissing, een week later zat ik op de Eurostar richting Londen. Omdat ik volledig mijn eigen ding wilde doen, ging er niemand mee. Het zou mijn eerste solotrip worden. Iets waar hipsters dol op zijn en ouders raar van opkijken. Na 14 dagen alleen op reis te zijn geweest, heb ik deze 10 dingen bijgeleerd.

1. Je bent nooit alleen.
Je komt overal mensen tegen en daarvoor hoef je niet eens in een overvol hostel te logeren. Uit angst voor eenzaamheid deed ik dat wel en snakte bijgevolg na dag vijf al naar mijn verblijf in een airbnb om toch even alleen te zijn. In hostels kom je alleen maar Chinezen, Duitsers en Amerikanen tegen. De échte Britten ontmoet je op de trein, in de supermarkt of terwijl je sterren aan het spotten bent aan een rode loper. Zo wisselde ik pronostieken uit met een Zuid-Londense Sampha-fan vlak voor de Mercury Prize en sloeg ik een praatje met een oud vrouwtje tijdens een museumbezoek bij kaarslicht. Wil je echt alleen zijn op een solotrip? Boek dan een privé-jet naar een onbewoond eiland.

2. Een rugzak lijkt cool, een koffer is handiger.
“Ik ben op doortocht” zeggen terwijl je naast een grote koffer staat, voelt vreemd. Maar eerlijk gezegd, heb ik in die overvolle hostels maar weinig trekkersrugzakken gezien. In steden zijn wieltjes onder je bagage de max en je heroganiseert je boeltje op 1 2 3, zonder alles te moeten uit- en inladen. Ik heb een rugzak overwogen, maar ik zou er nog niet eens alles deftig inkrijgen, geef mij maar een koffer. Bonuspunten: geen zweetrug.

 

3. Voorbereiden is geen must, behalve voor de praktische kant.
Het was chill om op de Eurostar mijn dagen in Londen te plannen en op het vliegveld een paar ‘must see’s in Dublin op te zoeken. Maar het was nog leuker om gewoon in een stad aan te komen en er eerst een tour te volgen en dan aan de gids vragen wat ik zeker nog moest zien. Wat je best wel voorbereid of meteen bij aankomst aan de receptie vraagt zijn praktische zaken zoals het openbaar vervoer. In Londen was het simpel: oystercard opladen en gaan. In Manchester bleken er drie verschillende maatschappijen rond te rijden met drie verschillende tijdsschema’s. Toen ik na mijn eerste avond al mijn busfrustraties had uitgewerkt op een Duitse kamergenote, antwoordde die doodleuk: “Maar er is toch een gratis shuttle.”

4. Een “table for one” is niet vreemd maar best wel ongezond.
Eten ging snel, razendsnel. Ik heb er geen een chronometer naast gehouden, maar zat nooit langer dan een half uur in een restaurant. Eten is uitrusten. Je kan eindelijk eens op je gemak gaan zitten in een knusse ruimte en genieten van een (hopelijk) heerlijk gerecht. Maar het is niet altijd zo leuk. Ten eerste schrok je je eten naar binnen, zonder tafelgenoot heeft je mond maar 1 prioriteit: eten. Ten tweede wordt je vaker genegeerd door obers. Of wordt je in een hoekje gestopt. Je moet dan telkens opnieuw vragen of je toch niet op een andere plek mag gaan zitten. Ten derde is net het avondmaal het enige moment van de dag dat je aan thuis denkt. Je ziet overal families en vrienden die samen eten, en jij zit alleen. Begin niet te huilen, maar kijk eens wat verder, links en rechts zitten nog eenzaten.

5. Headphones off, world on.
Als je alleen reist is het makkelijk om in thuisgewoontes te vallen. Zo greep ik heel vaak naar mijn hoofdtelefoon en nu er geen extra roamingkosten zijn, kon ik ook voor de volle 100% met mijn gedachten bij het thuisfront zijn. Zodra ik mezelf daarop betrapte, stak ik mijn telefoon weg. Ik was enorm blij dat ik in Manchester mijn hoofdtelefoon op mijn bed liet liggen. Dat accent hoor je nergens anders. En ook in Ierland kon ik zo een graantje extra meepikken van de cultuur.

6. Als alles faalt: kruip dan vroeg in bed.
Van de ene naar de andere stad hollen is vermoeiend. Na vroege ochtenden en late avonden in de eerste week, viel ik in slaap in de British Library. Een leuke ervaring, maar niet voor herhaling vatbaar. Het is absoluut geen schande om af en toe een pubnight over te slaan en om half tien al in bed te kruipen. Als je alleen reist, zijn de avonden tenslotte ook veel saaier dan met gezelschap.

7. Een goede smartphone is de hemel én de hel.
Met een smartphone in het hand, kom je door elk land. Zeker nu de roamingkosten zijn afgeschaft is Google Maps je beste vriend. Ook foto’s nemen gaat veel sneller en die kan je dan ook meteen op Instagram zwieren. Maar zo blijf je met anderhalf been in België staan. Op eender welk moment van de dag. Ik beperkte die zombie-sociale media-modus voor op restaurant of op de bus. De tijd die je daar besteedt is toch al een beetje ‘verloren’. Google Maps is wel handig onderweg, maar neem toch ook een papieren kaart mee, voor het geval je even zonder batterij valt of wanneer je dat scherm beu bent.

8. Wees alert, maar geen neuroot.
De eerste dagen liep ik als een neuroot door Londen. Bij elke stop controleerde ik of mijn portefeuille en gsm nog niet waren gestolen. Want je hebt geen back-up. Reis je met twee of meer, dan is er altijd de gsm van een metgezel en diezelfde persoon heeft ook nog een portefeuille met een bankkaart. Als je alleen reist, heb je maar één gsm en één portefeuille. Maar aan zo’n dingen mag je niet denken tijdens een solotrip. Gebruik gewoon je gezond verstand en wantrouw niet alles en iedereen op je pad.

9. Geniet voor twee, maar dan in je eentje.
Je bent alleen en dat wil zeggen dat er fysiek niemand is waar je je bewondering mee kan delen. Mooi gebouw gespot? Cool café? Of een mooi kunstwerk? Je kan random mensen aanspreken over hoe geweldig dat is, maar echt hetzelfde is dat niet. Niemand om gelukzaligheid mee te delen, betekent ook niemand om tegen te zagen. Ben je moe, honger, pijn aan je voeten? Al die ergernissen over mensen op de metro, je zal ze voor jezelf moeten houden. Een skill die je heel snel leert en kan meenemen naar huis.

10. Twijfel niet en doe je eigen ding.
Er is niemand die zegt ‘ik wil hier wat langer blijven’ of ‘zullen we nu naar daar gaan’. En voor twijfelaars als mezelf was dat lastig. Zo veranderde ik drie keer op dezelfde dag van plannen en liep ik sommige musea eerst twee keer voorbij, voor ik er binnenstapte. Het leuke is wel dat je gewoon ergens kan vertrekken zonder een verantwoording af te moeten leggen aan je medereizigers. En je bezoekt zo alleen maar de dingen die jij en alleen jij wilt zien. Egoïsme ten top! Of noemen ze dat vandaag self love?

Wil je foto’s van mijn reis bekijken? Neem dan even een kijkje op Instagram. Of op deze blogpost waar ik de 10 beste foto’s van mijn reis deel. De route die ik nam, staat op dit kaartje:

WRLD-EU-01-0003

 

 

 

Advertenties

Een gedachte over “10 dingen die ik leerde tijdens mijn eerste soloreis

  1. Pingback: Mijn trip in 10 foto’s | Quatsch

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s